Het was een vervelende verrassing onlangs: de school bleek over de afgelopen jaren nog een flink bedrag aan pensioenafdracht schuldig. Om verdere boetes te voorkomen, hebben we vanuit Nederland geholpen om die af te betalen.
Vergeleken met Nederland is in Zambia de sociale zekerheid maar heel beperkt. Als je ziek wordt of arbeidsongeschikt raakt, ben je vaak op je familie aangewezen. En ook op je oude dag met pensioen gaan is er voor de meeste mensen niet bij. Tegen die tijd moest je maar hopen dat je kinderen voor je kunnen zorgen.
Voor de mensen met een officiële baan is het vaak beter geregeld, maar veel Zambianen scharrelen op een informele manier een inkomen bij elkaar. Met een klein handeltje of los-vaste baantjes. Met een verkoopkraampje op de markt of langs de weg, als bouwvakker, chauffeur of hulp in de huishouding.
Tot een aantal jaar geleden bouwden die mensen daarmee niets op voor hun oude dag. Het was onzeker werk, zonder officiële contracten, met alleen mondelinge afspraken. Maar de overheid probeert hier verandering in te brengen.
Ook voor die informele banen zijn werkgevers sinds een aantal jaren verplicht om een percentage af te dragen van alles wat ze hun personeel betalen. Pensioen-autoriteit NAPSA liep al jaren achter met het controleren hiervan, maar kwam uiteindelijk ook bij Pemama in de boeken kijken.
De afgelopen jaren hebben we die pensioenbijdrage al keurig iedere maand betaald, maar met terugwerkende kracht bleek er toch nog een flink bedrag open te staan, vanaf het moment dat de school officieel geregistreerd werd en we hier nog niet eens weet van hadden.
Na wat onderhandelen en een betalingsregeling, is die achterstand nu ingelost. Een flinke hap uit ons spaargeld, waar we niet meteen iets tastbaars voor terugzien. Maar met één troost: dit geld verdwijnt niet zomaar in het niets, zoals bij sommige andere bureaucratische verplichtingen, maar in het pensioenpotje waar onze leerkrachten ooit weer wat uit terug zullen krijgen.