St. Pemama’s Primary & Secondary School is een kleinschalige school in Lusaka, de hoofdstad van Zambia. Lees hier het verhaal achter deze school.

De school in het kort

St. Pemama’s Primary and Secondary school is in 2009 opgericht door onderwijzer Peter Maunda, omdat in zijn wijk Kabanana een tekort aan scholen was en veel kinderen geen goed onderwijs kregen.

Wat begon met een klein klasje, is uitgegroeid tot een school met rond de 120 leerlingen – zowel basisscholieren als middelbare scholieren. Daarnaast zijn er volwassenen die avondonderwijs volgen, bijvoorbeeld om op latere leeftijd nog te leren lezen en schrijven. Ook komen er leerlingen van andere scholen bijles volgen, omdat ze op hun eigen school niet genoeg leren.

De school staat in Kabanana, een buitenwijk van hoofdstad Lusaka. Tien jaar geleden was Kabanana nog platteland, met vooral maïsvelden, onverharde wegen en af en toe een huisje. Inmiddels is het vastgegegroeid aan Lusaka en wordt ook Kabanana in rap tempo volgebouwd. Het aantal scholen is sindsdien gegroeid, maar het aantal kinderen ook, dus de uitdaging is gebleven.

Scholen als die van Peter vullen het gat tussen de openbare scholen van de overheid – waar kinderen in overvolle klassen weinig persoonlijke aandacht en ondersteuning krijgen – en de privéscholen die voor veel mensen niet te betalen zijn. Peter wil goed onderwijs bieden, maar toegankelijk blijven voor iedereen.

Onderwijs in Zambia

De Zambiaanse bevolking bestaat voor een groot deel uit kinderen en jongeren. (Ruim 45% is jonger dan 15 jaar.) De overheid slaagt er niet in om overal voldoende toegankelijk onderwijs te bieden. Overheidsscholen zijn vaak overvol, met soms meer dan 100 leerlingen per klas en een tekort aan personeel en materialen. Privéscholen zijn voor veel mensen te duur. Veel kinderen en jongeren zijn daarom aangewezen op scholen die door de gemeenschap, kerken of hulporganisaties draaiende worden gehouden.

De droom van Peter Maunda

Peter Malunga Maunda ontdekte al jong zijn roeping: onderwijzer worden. Afkomstig uit een arm gezin, bleek dit een flinke uitdaging. Verschillende keren moest hij stoppen met school, omdat zijn ouders geen geld hadden om daarvoor te betalen. Toen hij in 2009 zijn lerarenopleiding moest stopzetten wegens geldgebrek, leek deze droom ver weg. Maar via een omweg kwam die alsnog uit.

Op een andere school had Peter als hulponderwijzer al wat ervaring opgedaan en dat ging hem goed af. In Kabanana, de wijk waar hij woonde, waren veel kinderen die niet naar school gingen, omdat er weinig betaalbare scholen in de buurt waren. Toen ouders uit zijn buurt hem dat vroegen, begon hij een groepje kinderen les te geven, ook al had hij nog geen lerarendiploma. 

Boeken en andere materialen had hij ook nog nauwelijks, maar met zijn enthousiaste aanpak en persoonlijke aandacht behaalde Peter toch resultaat. Al snel paste zijn klasje niet meer in het leegstaande kamertje dat hij gratis mocht gebruiken.

Met hulp uit Nederland kon Peter een andere ruimte gaan huren en later een eigen schoolgebouw laten bouwen. Nu, ruim tien jaar later, is hij directeur van zijn eigen school, waar hij samen met een team collega’s lesgeeft aan ruim 120 leerlingen.

Filmpjes Pemama

3 Video's

De ontwikkeling in vogelvlucht

2009
Peter begint met de school

Boeken en andere materialen heeft hij nog nauwelijks. Kinderen zitten op de grond op plastic zakken of op een plank. De muur doet dienst als schoolbord.

2010
De school wordt dakloos

Het beginnende schooltje komt op straat te staan als de eigenaar andere plannen heeft met het gebouw. Met hulp uit Nederland huurt Peter een andere ruimte.

2011
Een beter gebouw

Nu Peter met steun uit Nederland maandelijks huur kan gaan betalen, kan zijn school weer terugkeren in het oorspronkelijke gebouw en mag hij meerdere kamers gebruiken. De huisbaas investeert de inkomsten in verbeteringen: verharde vloeren, stucwerk, glas in de ramen en een stenen toiletgebouw in plaats van het simpele gat in de grond.

Bankjes, borden en boeken

Er worden meer schoolbankjes gemaakt, andere meubels gekocht en er komen schoolborden. Ook kunnen er steeds meer boeken en andere materialen gekocht worden.

2012
De school groeit

Het aantal kinderen neemt toe, er komen ook middelbare scholieren en volwassenen die graag les willen. Peters broer Joseph en enkele bevriende studenten gaan hem helpen als leerkrachten, al hebben ze net als Peter nog geen lerarendiploma. Er worden extra ruimtes bijgehuurd.

De schooltuin

Peter huurt een stuk land en begint een schooltuin. De opbrengst van de groenteverkoop is voor de school en het personeel kan er van eten. Later kan hij een stuk land kopen dankzij een gulle gever uit Nederland.

2014
Peter haalt zijn diploma

Peter rondt zijn lerarenopleiding af, die hij in deeltijd naast het schoolwerk weer heeft opgepakt. Ook enkele collega-leerkrachten beginnen aan een studie of cursus.

2015
Een huis voor Peter

Peter kan met geld uit Nederland zijn huis afbouwen, op een stuk land dat hij heeft geërfd. Het kamertje waar hij woonde met zijn vrouw en twee kinderen was al lang veel te klein. Eén van de drie kamers in zijn nieuwe huis gebruikt hij eerst nog als klaslokaal voor de kleuters.

2016
Laptops in de klas

Sinds kort is er stroom en de school krijgt een aantal laptops, zodat computervaardigheden niet meer alleen uit een boekje geleerd hoeven te worden. Voor veel leerlingen maar ook leerkrachten is dit nog helemaal nieuw. Ook komt er een printer en laboratoriumspullen voor proefjes.

Nieuwe klaslokalen aan huis

Het gehuurde gebouwtje werd te klein. Er worden al een tijdje ruimtes bijgehuurd. Na lang sparen kan Peter naast zijn huis de eerste nieuwe lokalen laten bouwen van zijn eigen schoolgebouw.

2019
Waterput

De school laat een eigen waterput boren, zodat er niet langer dagelijks water gehaald hoeft te worden en er altijd voldoende schoon drinkwater is. De nieuwbouw gaat verder met nog twee nieuwe lokalen en een toiletgebouw.

2020
Gesloten wegens corona

De school is langere tijd gesloten vanwege de angst voor het coronavirus. Onderwijs op afstand is moeilijk bij gebrek aan computers en internet. Na door de overheid verplichte aanpassingen aan het gebouw om de hygiëne te verbeteren mag de school weer open.

2022
Ambitieuze bouwplannen

De school wordt verder uitgebreid met drie nieuwe klaslokalen, een kantoor en een laboratoriumruimte voor natuur- en scheikundelessen. Ook wordt het hele schoolterrein ommuurd, één van de eisen om in de toekomst een examencentrum te kunnen worden.

Uitdagingen voor de toekomst

Door het harde werk van Peter en zijn collega’s en de ondersteuning vanuit Nederland is er veel bereikt. Toch zijn er nog volop uitdagingen waarbij hulp uit Nederland hard nodig is.

Inkomsten
Les geven aan kinderen uit arme gezinnen is geen winstgevende operatie. De school verdient zelf wat geld door bijdragen van ouders en (bijles)leerlingen, verkoop van groente uit de tuin, water uit de waterput en als ‘copyshop’ met het printen en kopiëren van documenten. Dit is genoeg voor de kleine dagelijkse uitgaven en een deel van de salariskosten, maar niet voor de grotere kostenposten die er ook blijven. Daarvoor is de school nog altijd afhankelijk van geld uit Nederland. 

Personeel
Peter kan zijn personeel geen hoog salaris bieden, ook al wordt dat vanuit Nederland deels aangevuld. Daarom is het lastig om goede leerkrachten aan te trekken en te behouden. Zijn collega’s zijn vooral jonge leerkrachten in opleiding, die nog weinig ervaring hebben en veel begeleiding nodig hebben. Zodra ze een diploma en ervaring hebben, kunnen ze elders meer verdienen, dus het verloop is hoog. Bij tegenslagen in hun leven zoals ziekte of sterfgevallen in de familie, is hun salaris niet toereikend en is er geen vangnet vanuit de overheid, dus hebben ze regelmatig extra ondersteuning nodig.

Onderhoud
Nu de school steeds meer spullen heeft, gaat er ook meer kapot. De waterpomp, de pomp voor de tuin en de computers hebben allemaal al eens reparatie of vervanging nodig gehad. Ook ramen, daken en vloeren zijn al eens beschadigd bij een storm of overstroming. Voor dit soort dure tegenvallers zijn de eigen inkomsten van de school niet genoeg, dus is nog steeds hulp uit Nederland nodig.

Kwaliteit van het onderwijs
Het onderwijs in Zambia is nog ouderwets klassikaal en theoretisch. De juf of meester schrijft opdrachten op een krijtbord en behandelt die centraal met de klas. Moderne lesmaterialen waarmee leerlingen zelfstandig op eigen niveau kunnen werken zijn er nog weinig en leerkrachten hebben daar ook weinig ervaring mee. Leerlingen die extra aandacht nodig hebben, of juist extra uitdaging, komen hierdoor niet altijd aan bod. Ook materialen en methodes waarmee kinderen in de praktijk leren door dingen te doen zijn er nog weinig. Kinderen leren vooral droge stof uit een boekje. Met steun vanuit Nederland proberen we dit te verbeteren.

Positie van de school
De wijk Kabanana, waar de school staat, verandert in rap tempo, net als de bevolking. Veel van de mensen die er de afgelopen jaren huizen bouwden, hebben wat meer te besteden. Zij kiezen voor hun kinderen liever een privéschool met een hogere standaard. De armere gezinnen zoeken juist naar de goedkoopste mogelijkheid en shoppen vaak tussen verschillende scholen, ook als die wat verder weg zijn of minder van kwaliteit. Maar zij kunnen ook weinig bijdragen. Voor Peter is het een uitdaging om hier tussen te balanceren. Hij wil zijn oorspronkelijke missie trouw blijven: toegankelijk blijven voor wie het niet kan betalen. Maar tegelijk zou hij ook graag meer geld verdienen en minder afhankelijk worden van de beperkte hulp uit Nederland.

Veelgestelde vragen

Peter Malunga Maunda is een samentrekking van de volledige naam van de oprichter en directeur.

Lesgeven aan mensen die weinig te besteden hebben en dus weinig of geen schoolgeld kunnen betalen, levert geen winst op. De school verdient met bijdragen van ouders en (bijles)leerlingen wel wat geld om de dagelijkse uitgaven te kunnen dekken, maar voor grotere uitgaven is nog regelmatig steun vanuit Nederland nodig.

Hier heeft Peter wel om gevraagd, maar de overheid richt zich vooral op haar eigen scholen, die zelf ook al te kampen hebben met overvolle klassen en tekort aan middelen en personeel.

Naast directeur Peter, die zelf ook lesgeeft, zijn er zeven leerkrachten en nog een paar ondersteunende personeelsleden. Zijn broer Joseph, zijn vrouw Sera en haar zus helpen ook mee op de school.

Heb je een andere vraag? Neem contact met ons op.